Als Europese automaker wil je zo min mogelijk te maken hebben met alles wat er uit Trumps mond komt. Tenzij het ineens je leven makkelijker maakt. Dan is het prima om de raaskallende president te steunen in zijn strijd tegen strenger wordende emissieregels.
Vorige week stapte CEO Gernot Döllner van Audi het podium op tijdens een van de optredes van Donald Trump om republikeinse stemmen te winnen. Achteraf niet een heel goede keuze, want in Europa werd er niet zo enthousiast gereageerd op zijn optreden. De top van Audi sloeg in de paniekmodus en de wereld van critici was even te klein, ongeacht hoe goed of slecht de aangekondigde plannen voor een nieuwe fabriek ook waren. Gezien worden met de oranje man blijkt niet heel goed voor je PR. Tenzij je ermee onder wat lastige emissieregels uit kan komen.
Uit balans
De Alliance for Automotive Innovation (AAI), die de belangen behartigt voor ondermeer General Motors, Toyota, Volkswagen, Hyundai, Ford en Stellantis, heeft zich achter de Amerikaanse President opgesteld in steun tegen de voorgestelde strengere emissieregels in de VS. Staten als Californië en New York hebben namelijk voorgesteld om de doelstellingen voor verbruik te verhogen van 14,7 kilometer per liter naar 21,4 kilometer per liter voor nieuwe auto's die vanaf 2031 geproduceerd worden. Iets waar Trump een juridische strijd tegen is begonnen.
Volgens AAI hebben automakers bepaalde zekerheden en stabiliteit nodig in de standaarden die opgelegd worden. De strengere plannen zouden automakers in het nauw drijven en de continuïteit van de bedrijfsvoering uit balans brengen. Dat zou leiden tot lagere investeringen in de VS, verminderde productontwikkeling en uiteindelijk de Amerikaanse markt beperken.
Meer benzine is beter
De staten die nu dus Trump en vrijwel alle automakers tegen zich vinden, is dat allemaal wat te kort door de bocht. De strengere verbruiksdoelstellingen zouden volgens hen vrijwel automatisch gehaald kunnen worden, omdat de opkomst van elektrische auto's het gemiddelde al voldoende omhoog trekt. Het stelt dus eigenlijk dat Trump en zijn achterban met een verkeerde en foutieve argumenten probeert te werken.
Trump probeert daarbij zijn 'argumenten' kracht bij te zetten door te zeggen dat het verlagen van de standaarden ook leidt tot een lagere verkoopprijs van auto's. In theorie zou een voertuig daardoor bijna 1.300 dollar goedkoper worden. Al hebben de tegenstanders daar alweer tegenover gezet dat dit ook betekent dat er over de levensduur van de auto 1.600 dollar meer aan benzine verbruikt wordt, waardoor de koper onderaan de streep dus duurder uit is.
Voor de VS betekent dat een flinke extra inkomstenstroom uit belasting op benzine. Als Trump zijn zin krijgt, zouden Amerikanen namelijk 4,6 procent meer benzine gaan verbruiken tot en met 2050. Dat komt neer op 460 miljard liter meer tegenover de voorgestelde striktere verbruiksregels. Het is dan ook niet heel vreemd dat de Amerikaanse olielobby zich ook achter Trump heeft geschaard. Het argument dat zij aandragen is nog komischer. "Het dwingt consumenten niet voertuigen aan te schaffen die minder brandstof verbruiken dan ze anders zouden kiezen."
Volg ons ook op Google Nieuws
Stel Autoblog in als voorkeur op Google Discover